Via deze blog willen we in contact blijven met de homies, terwijl wij Azie afschuimen. Van de mongoolse steppe tot de tibetaanse pieken, via China, Vietnam, Cambodia, Laos, Birma, Nepal en god weet waar we nog terecht komen in dit jaartje weg...

zaterdag, oktober 22, 2005

Xi'an, Chengdu en de overheersing van het Grijze

Van HangCheng naar Xi'an met de trein, daar valt niet veel over te vertellen. Industrie, steenkool en smog.
In Xi'an is alles bij het oude, onvriendelijke apatische Chinezen, opdringerige verkopers, diepgrijs weer... Nadat we een hotelkamerverkoper gek gekregen hadden door nix goed te vinden settlen we ons in een jeugdherberg en trekken wat op verkenning. De stad is proper maar 1 bouwwerf. Stel je een straat voor als de wetstraat, waar elk gebouw in de stijgers staat. Gelukkig is er een oudere moslimwijk -de stad was een eindpunt op een van de zijderoutes. Waar de kleine gezelliger dingen te vinden zijn. We eten alleszins heerlijk. Een avond een hotpot: das een tafel met een rond gat in, waar een pot met hete (warm en spicy) olie in komt. Aan een muur kies je dan wat je erin wil Fonduen. Heerlijk. Een andere avond (we zijn er maar een paar dagen gebleven hoor) is de tafel een kolenbak met ijzeren plaat waarop je opnieuw de ingredienten van de goesting kan grillen. Verder heeft Xi'an niks te bieden. Of ja, het terracotta leger.
De halve stad draait erom. Die gebouwen in aanbouw? Hotels, om de massas te slapen te leggen. Het is een economie op zich. Kilometers voor je aan het ding aankomt staan er al fabrieken waar ze die levensgrote stenen soldaten namaken. Ter info: Het terracotta leger is 30 jaar geleden ontdekt, er zitten duizenden unieke van die beelden in de grond, als symbolische bescherming rond het graf van keizer Qin. Een enorm mausoleum dus, maar in tegenstelling tot wat de chinezen vinden, komt t niet in de buurt van de pyramides.
Het is moeilijk om te zeggen dat t niet tegenvalt. Vooral door de enormne toeristische industrie wordt de verwachting zo gekieteld dat het eigenlijke schouwspel bijna niet meer tegen die verwachting op kan tornen. Los daarvan, het is een schouwspel om een hal zo groot als Flanders Expo of de Grnslandhallen te zien met honderden stenen soldaatjes. Hun detailafwerking is prachtig, maar door de grote massa volk kan je er moeilijk van genieten. Brenda was een beetje zenuwachtig na haar vorige passage, maar ze heeft zich dit keer flink gedragen. Veel toeristen komen recht van peking naar hier, en slaan daarbij de oude stadjes (zie hieronder) over. Das echt zonde, want die plaatsjes zijn veel mooier en charmanter dan Xi'an en zijn leger.

Een nachttrein brengt ons dan nog verder zuidwest, naar Chengdu. Hierover kunnen we nog korter zijn. We zijn hier gekomen om door te reizen naar Yunnan, de kleurrijke provincie in zuid china, grenzend aan vietnam, laos, thailand en Birma. Een wandeling door de stad toont aan dat er nog minder charme is dan in Xi'an, nog minder te zien, en nog meer platte commercie. De enige uitstap die de moeite is, is het kweekcentrum van de panda beren. Daar zijn we net van terug. Het is een beetje Planckendael, met alleen Panda's en een paar pauwen. Echte leuke kerels zijn die pandas, speels en onhandig soms. Pogingen om op of af een platformpje te kruipen eindigen steevast plat op de buik. We hadden het geluk eraan te komen rond hun ontbijt, wanneer ze t actiefste zijn. Echt fun. WE proberen nog een filmpje op de site te zetten, maar das voorlopig nog niet gelukt.
Vanavond gaar we weer de nachttrein op, om via een omwegje langs een meertje, naar yunnan te gaan, de tiger leaping gorge te trekken, en hopelijk de zon terug te vinden, want hier en nu is t grijs en koud.
En met wat geluk hebben we daar terug GSM ontvangst.

UPDATE

Na de Panda's en wat geregel zijn we in een klooster binnen gewaaid dat al meer dan 1400 jaar de sfeer bepaald in Chengdu.
Een heerlijjk vegetarisch restaurant, en een gezellig drukke tea garden kleuren onze herinneringen aan Chengdu dan toch vrolijker!
Die tea garden is als een binnenterras, waar je voor een halve euro een kom thee krijgt, die bijgevuld wordt van zodra je ervan durft te drinken. Chinezen komen hier om uitgebreid te roddelen en hun oren te laten kuisen. Dat eerste volgen we nog maar we laten onze oren voor wat ze zijn. We dammen een paar spelletjes, hetgeen niet altijd even ontspannend is met Brenda ;-)

Labels:

Brad Pitt en Jennifer Anniston!

Maandag 17 oktober

Met de trein van 7 uur verlaten we het prachtige Ping Yao, het stadje met het geweldige bed! We vinden al snel een plaatsje naast man met stinksokken, marcelleke en het vetste haar ever. We doorstaan zes uur lang het geslurp, gesmek en gerook in de trein tot we in Hancheng aankomen. Vanaf het moment dat we uit de trein stappen, wordt duidelijk dat men hier geen buitenlanders gewoon is. We zetten ons aan het eerste, het beste straatstalletje voor een pikant noodleslaatje met zalig vers gebakken broodjes, en eten het goedje met veel smaak op terwijl onze kokinnen met veel trots toekijken; Westerlingen aan hun stalletje. Even later hebben we al een busritje versierd naar Dangjiacum, een dorpje van 1400 inwoners, dat de dans van de Culturele Revolutie een beetje ontsprongen is. Resultaat: een ongerestaureerd dorpje met onverharde wegen, grijze huisjes met prachtige binnenkoertjes en caligrafie gravures. Opvallend detail aan dit dorpje: over de eeuwen heen hebben hier slechts twee families gewoond, de Dang en de Jia (vandaar de naam). Het is dan ook niet verwonderlijk dat we hier op ons wandelingetje 4 mentaal gehandicapten tegen komen.

We besluiten in dit dorpje te overnachten. We zullen er nooit achterkomen in wiens bed we eingelijk gelegen hebben maar dit is iemands kamer, geen hotel of guesthouse. Het bed: een plank met een dik deken maar wel een dubbel bed. Het toilet: gelegen naast de varkensstal. Badkamer: niet aanwezig. Eenmaal geinstalleerd trekken we verder het dorpje in. Het is niet half zo spectaculair, rijk of mooi gerestaureerd als ping Yao, maar wel bewoond en betoverend met een charme van doorleefdheid. Niks Bokrijk, dit is echt. In de eenvoud zit daarentegen pracht op vlak van urbanisatiem architectuur en decoratie. De hoekstenen waar de daken op steunen zijn uitgeholde kubusjes, stuk voor stuk versierd met dieren of draken. Binnenkoertjes worden telkens met een hoek afgeschermd van de boze geesten. Weinig volk op straat maar wel heel vriendelijk. Trots. We dolen uren rond in dit charmante doolhof en vinden ook de 'geheime tunnel naar de bovenstad', in de 20ste eeuw gebouwd ter bescherming tegen de dieven.

's Avonds lezen we gezellig op het koertje van ons 'guesthouse' terwijl de varkens flink tekeer gaat en onze huisbazin de mais uit de kolven schraapt. Jan en Brenda op den Chinese boerenbuiten!

De volgende ochtend worden we al vroeg wakker - wat wil je met al die hanen en kippen. Aan het venstertje van kamertje zien we de regendruppeltjes naar beneden vallen. We besluiten nog een keertje door het dorpje te kuieren voor we vervoer zoeken naar Hancheng... maar het lot beslist er anders over. Voor de deur staat een lege taxi, een geschenk uit de hemel. We laten ons mooi afzetten in de oude stad van Hancheng. Een wir war van straatjes met opnieuw binnenhofjes en huizen in dezelfde grijze steen als in Dangjiacum. Hier zijn de huizen er echter nog wat erger aan toe - ongerestaureerd tot vaak vervallen. Vaak staan er pijlen naar een 'bezienswaardigheid', huizen waar we vaak aan voorbijlopen omdat ze zo op instorten staan.

Toch zijn het niet zozeer die pareltjes van architectuur die Hancheng de moeite maken dan wel de mensen. We kuieren door de straten en overal waar we voorbijkomen stan de mensen ons met verstomming na te kijken. Verkopers laten hun koopwaar even liggen, kappers leggen de schaar neer, ouders waarschuwen hun kinderen dat er 'Westerlingen' voorbijkomen, auto's stoppen met parkeren. Het is ongelooflijk hoe we het stadje op zijn kop zetten met onze komst. Als we even halt houden bij een kraampje staan er binnen de korste keren 10 mensen ... En ze proberen niet eens iets te verkopen. We genieten met volle teugen van ons 'moment of fame'. We wanen ons Brad Pitt en Jennifer Anniston. Behalve misschien dat zij geen oliebollen druipend van het vet zouden opeten om 9 uur 's ochtends. Onze culinaire ontdekkingstochtheeft ons geleid tot de aankoop van -wat ons leek - koekjes met suiker; onze Belgische smoutebollen zijn daarmee vergeleken een waar weightwatchers menu (geen wonder dat ik hier niet afval!). Rond een uur trekken we richting station. Een rit van 4,5 uur naast een non stop etend slurpend vrouw brengt ons naar Xi'an, de stad van de stenen mannekes.

Labels:

Satelliet Suzie...

Werkt niet mee. Geen GSM ontvangst. Al in geen dagen meer,en nu we in n andere provincie zitten blijft t zelfde. Met andere woorden, als jullie ons willen bereiken zal t toch best via effieweg@gmail.com gaan.

That said: we zijn in Chengdu nu, de poort naar zuid China, maar jongens wat een lelijke poort is dat.

Update van Dangjiacum, Hangcheng en Xi'an komen morgen normaal, als we terug zijn van de panda beertjes

zondag, oktober 16, 2005

Datong - Wu Tai Shan - Ping yao

Dinsdag 11 Oktober
Na een Nachttrein komen we aan in Datong. Lelijk is 1 ding, maar vooral VUIL. Onvoorstelbaar. Bij aankomst sluiten we aan bij de einige andere toeristen die ook op de trein zaten. Ze blijken min of meer dezelfde plannen te hebben als wij, op de eindbestemming na, Wu Tai Shan, dat onze Lonely f@#$#%ing Planet als hoogtepunt beschouwt. Goed voor ons. Eerst naar de Yunnang caves, een grottencomplex vol Buddha's. Heel mooi. Geweest, maar de nabije steenkoolmijn en het verkeer hebben alle kleuren afgebeitst tot stofgrauw. Dat China nu al een ecologisch probleem is wordt snel duidelijk, maar als ze blijven voortdoen zoals nu, wordt 't een ramp erger dan 100 olietankers.
We gaan verder richting Hanging Monastery. Een prachtig en heel oud klooster gebouwd tegen een loodrechte rotswand. Erna gaat t naar een Pagode die in t echt niet enorm indrukwekkend is. Tenslotte leidt de dag ons -via rijstterrassen en bergflanken in gouden herfstkleuren- naar Wu Tai Shan, Een van de heilige bergen van het Buddhisme zo blijkt. Het is donker als we aankomen. Enkel de neon valt op.
De volgende ochtend vroeg worden we bruusk gewekt wanneer iemand het raam van ons hotelkamertje ruw opengooit. Inbraak. Doordat we nog in bed liggen veer ik (Jan of DeJean voor de vrienden) niet onmiddellijk recht maar blaf en scheldt heel hard. De inbreker die al half binnen zat spurt weg. De grimmige sfeer van dit moment blijf ik met dit dorp associeren. En de hele dag doet Brenda vergeefse pogingen om toch te genieten. Het grauwe weer en de stuitende vervuiling maken het er niet beter op. Het afval overal, maar vooral de adembenemende -letterlijk- smog verstikken nu ook de immer vrolijke Bren, met haar opbeurpogingen. We besluiten de volgende dag het weer af te wachten om in de bergen te wandelen.
Ter info: Wu Tai Shan is te vergelijken met Lourdes. Het blijkt een bedevaartsoord met 108 tempels, en 1080000 souvenir stalletjes. en 1080000000000 Chinezen.

Die volgende dag is t weer amper beter, dus we vertrekken. De bus blijft heel mongools 2 uur lang volk ronselen. Onderweg wordt weer gerookt geruzied en gespuwd alsof t ook olympische disciplines zijn. We ontwikkelen een sterke afkeer voor de Chinezen, die ons keer op keer proberen te bedriegen op te lichten en het geld uit onze zakken te plukken. Als we eentje kunnen terugkloten zullen we niet twijfelen!
Was het hiermaar bij gebleven, het onheil. Brenda's fototoestel is verdwenen. Gestolen? Vergeten in t hotel? Vermoedelijk het eerste, maar we hebben geen bewijs.
Eventjes is het spannend tussen ons door dit verlies, maar bijna alle foto's zijn gebackupped. Een telefoontje met Vanessa en Bren is weer helemaal vrolijk, aan de telefoon wordt weer driftig getrappeld met de voetjes bij het nieuws ;-) en roddels.

We treinen door naar Ping Yao, een historisch stadje halfweg tussen Peking en Xi'an. Het reizen in china ligt ons nog niet helemaal. We zijn moe, gestresst, laten ons opjagen als vossen in de lange jacht, we kunnen geen spleetoog meer zien. Als we s avonds aangesproken worden voor 'cheap hotel vely nice' zijn we openlijk cynisch. Maar het hotel is mooi, de prijs is heel goed en het bed is gigantisch! We spreken over 2*3 meter ofwel 2 koprollen in de lengte. We besluiten hier minstens een paar dagen extra te nemen om tot rust te komen.
We blijven erg lang in bed, ontbijten met alles op en aan (inclusief banana pancakes en verse koffie) we genieten in de zon en doen niks tot de middag. We eten rijkelijk en lezen met de snoet in de zon. nog meer relax en onze sluitspier gaat out-of-control ;-)
Ping Yao is helemaal ommuurd met een middeleeuws vestingsmuur, erbinnen staan even oude huizen van wat vroeger de eerste banken in china waren. Prachtige binnentuintjes bij de vleet. s avonds kijken we hier naar 'Raise the Red Lantern'. De filmklassieker werd 60 km van hier opgenomen, maar we doen niet de moeite om te gaan kijken, het staat hier vol met dergelijke huizen. Die fotos volgen nog

De komende dagen reizen we naar nog een paar andere dergelijk dorpjes, die niet in de reisgidsen staan (thanks Els!) en hopen er dezelfde schoonheid te vinden zonder het volk. Over een dag of 5 staan we allicht in Xi'an, voo het terracotta leger, voor Brenda's ontmoeting met het verleden, en voor het volgende berichtje.

Labels:

Puur muur!

In 2001 zwoer ik dat ik ooit opnieuw naar De Muur zou komen. Vier jaar later was blijkbaar dat moment gekomen. Na heel wat gewik en geweeg besluiten Jan en ik naar Huang Huacheng te gaanm precies het plaatsje waar ik in 2001 met Raf en Marrit ook was geweest. Enkele toeristen en ook ons hotelletje waarschuwden ons dat dit deel van de muur tegenwoordig gesloten was voor restauratie.We wogen onze kansen. Was het de nostalgie, de zin voor avontuur of het verhaal van een Nederlands koppel dat er een week voordien geweest was. Drie uur later staan we met z'n tweetjes tegenover het imposante bouwwerk. In 2001 was de oostkant nog een felbegroeide ruine. Nu schittert dit stuk muur in al zijn gerestaureerde glorie. Aan de voet van de muur staat een bord :'gesloten voor restauratie' en nog een hoop wetteksten. De chauffeur van ons minibusje glundert en biedt ons 'cheap price' voor een toeristisch stuk muur dat dagelijks overspoeld wordt door duizenden Chinezen. Jan wil toch nog even kijken wat onze opties ter plaatse zijn. Ik herinner me een pad via de westelijke muur, maar voel me nog niet helemaal gerust - mijn domino terracota massacre indachtig anno 2001. We besluiten toch een kijkje te gaan nemen en komen al snel op het pad. Het wegje naar de woeste muur leidt steil omhoog. We negeren nog een bord 'closed for construction' in de hoop dat we er met ons beste Stekens (voor de Limburgers; dit is Jan zijn dialect) wel kunnen uitpraten. Een beetje gespannen klimmen we door. We staan helemaal alleen op een verlaten stuk muur, zo ver als we kunnen kijken. We klauteren een tiental kilomter, genietend van de zeldzame Chinese stilte. Rond een uur of vier leidt de muur recht naar een meer. We maken rechtsomkeer en installeren ons voor de nacht in een goedbewaarde wachttoren. We sprokkelen hout voor het kampvuur, rollen de slaapzakken uit en genieten van toast met zonsondergang op de Chinese Muur. We genieten van onze meest romantische nacht tot nu toe.

De volgende ochtend worden we net op tijd wakker om te zon adem benemend te zien opkomen. Bij het eerste tipje oranje dat boven de muur uitkomt, denk ik - nog steeds een beetje paranoia - dat het een wachter is ... (wellicht mijn domste opmerking van de reis). We breken het kamp op en trekken oostwaarts. Een uurtje later ligt deze Lara Croft en haar Indiana Jones plat op de buik te spieden naar een iemand in de verte op de muur. Politie? Verkoopstertje? Bouwvakker? Fluisterend bespreken we onze strategieen. Terugkeren naar het vertrekpunt of verder naar het gerestaureerde deel. We besluiten toch verder te lopen en vertrouwen op het Stekens. Het gerestaureerde stuk muur dat voor ons ligt, hadden we voor geen geld willen missen. Na het ruwe, soms erg vervallen deel van gisteren, realizeren we ons pas op dit herstelde stuk muur wat voor een indrukwekkend kunstwerk met zijn bizarre kronkels over de moeilijkste bergpassen, dit wel is. Ook hier zijn we helemaal alleen om er van te genieten. De 'figuur' is verdwenen. We dalen af tot vlak bij het dorp en schuilen achter de struiken voor elke persoon. De laatste die we tegenkomen is een vrouwtje dat twee yuan entree geld vraagt voor de muur. Blijkbaar is die toch helemaal niet zo gesloten! Een beetje spannend maar vooral ongelooflijk mooi!

Labels:

Bright lights, big city! Peking!

Peking: you love it, or you leave it! Wij deden beiden heel snel. Peking is een stad met vele gezichten. Het klassieke gezicht van het Tian'an Men plein bekoorde ons minder. Maar van de Verboden Stad konden we niet genoeg krijgen. Dit keizerlijke paleis wordt druk gerestaureerd (Olympische Spelen 2008) waardoor we op het verweerde zowel als op het glanzend nieuwe kregen. We struinden door de parken, op zoek naar wat rust en Magnum Almond ijs! We doorkruisten de Hutongs van boven naar onder. Deze oude volkswijken worden gekarakteriseerd door uniforme grijze muren, scharlaken deuren, mensen in pyjama om 15.00, heerlijke eetstalletjes en een gezellige kakafonie van leurders en locals. De Hutongs worden (weeral OS 2008) flink opgekuist met geasfalteerde wegen, publieke toiletten en riolering. Verliest het hierdoor karakter? Als je op straat plassende vrouwen als karakteristiek beschouwd wel, maar het betekent voor een aantal wijken wel een heuse opwaardering. Andere daarentegen worden met de grond gelijk gemaakt.

Peking is fietsen! Fietspaden zijn lanen. Breed, rustig en veilig. We waren al snel verkocht aan de fiets omdat het door zijn snelheid en wendbaarheid het perfecte voertuig is om heel veel te zien. We werden er een beetje overmoedig van, want op zoek naar de markt van nepartikelen kregen we platte band. Niet zo erg denk je is een stad als Peking, waar miljoenen fietsers zijn. Maar het wordt minder simpel om 21.00 s avonds, in een gebied waar alleen wolkenkrabbers staan. Te voet terug was geen optie, want dan waren we te laat om de fietsen terug te geven. In de metro of taxi is not done.
Met ons beste vlaams, een Phrase boek en wat hard gelach worden we keer op keer doorverwezen. Na een kwartier vinden we in een donker hoekje onder een torenhoog gebouw een klein mannetje met een miniatuur fietsatelier. Nog eens 10 minuten later rollen we weer vrolijk door de high rise gebouwen.

Nep artikelen dus: Overweldigend gewoon. Straten vol namaakuurwerken, verdiepingen vol namaak North Face, Diesel en ander spul waar je in europa vlot 10 keer de prijs voor betaalt. Je mag het hen ook niet kwalijk nemen als een uurwerkbandje na 2 minuten kapot is, er na een dag al een spijker uit een jeans valt. Maar wat een lol! Je wordt aan elk kraampje aangeklampt voor "cheap price for you" Dus wij maar t spelletje meespelen, hen tegen elkaar uitspelen, tot hele straten verkoopstertjes onze stoten meevolgen. Lachen was alleszins de manier om aan een goeie prijs te geraken. Gevolg: 12 kilo bagage is onderweg naar huis. Pap, begin maar al een nieuwe brievenbus te timmeren!

Het eten? Heerlijk, we gaan elke dag eten bij de Chinees ;-)
Nummer 78 met gebakken rijst is heerlijk. Tot nu toe zijn er geen enorme verschillen met de Chinees bij ons, alleen verser en veel meer keuze. En de hond of kat? Goh, het bestaat, maar we hebben het nog niet tegengekomen. Op de Night Market worden slangen, Schorpioenen, geiten testikels en ander fraais aan toeristische prijzen naar je hoofd gegooid. Een gimmick dus.

Peking is natuurlijk erg jachtig. Maar net uit de Mongoolse woestijn komend, viel ons dat wel heel hard op. Het lawaai, het volk, de vuile lucht... We lieten ons door t tempo ook wel wat opstressen
We zijn eigenlijk een dagje te vroeg vertrokken, maar misschien net daarom vonden we Peking de Max!

Labels: