Bij de mannen van den bouw
Woensdag 1/3 - donderdag 2/3 Hoi An - de bouwvakkers
We hadden tussen Buon Ma Thuot en Hoi An al een beetje mogen proeven van Vietnams grootste prestige project, de Ho Chi Minh highway,een snelweg door het meest ongerepte deel van Vietnam, dwars door de bergen en wouden, over een afstand van meer dan 2000 kilometer. De snelweg is de belichaming van het gevecht tussen mens en natuur. Na onze shoppingsuitsbarstingen in Hoi An, gooien we ons mee in de strijd om de Ho Chi Minh highway klein te krijgen. De eerste dag krijgen we alvast een flinke rechtse in vorm van regen en mist op ons neus. De snelweg voert dwars over een bergpas van 1500 meter langs dichtbegroeide wouden. Prachtig, maar de mist beperkt vaak het zicht tot 100 meter en zorgt ervoor dat we tot op het bot verkleumd zijn. Belgie lijkt plots weer zo dichtbij... De kilometers lijken mijlen en het wordt aftellen tot we eindelijk onze eindbestemming van de dag bereiken, Aluoi. Veel keuze aan slaapplaatsen is er niet. In het hotelletje is er maar 1 kamer met een dubbel bed, toevallig de kamer met TV. De uitbaters staan hun felbegeerd kamertje af en zitten voor de rest van de avond verweesd voor zich uit te staren. Wij kruipen meteen het bed (ongeveer rond Tik Tak tijd) in om ons op te warmen.
Donderdag 2/3
Vroeg op, snel ontbijt gehaald op de markt en op pad. De regen dreigt en blaft, maar bijt niet, gelukkig. De rit is ook minder bergachtig maar nog even puur. Dit is DE streek van de Vietnamoorlog, met Charlie, Agent Orange, Napalm, hinderlagen en B52's. Hamburgerhill ligt op de weg. We merken er nauwelijks iets van tot de Minsk plots vervaarlijk begint te zwalpen als een zatte matroos. Platte band... we zijn recht in een granaatscherf gereden (of ja, waarschijnlijk gewoon een stukje ijzer, maar dat klinkt niet zo spectaculair). De afgelopen kilometers zijn we nauwelijks iemand tegengekomen, maar de timing van onze platte band kon echt niet beter zijn. We staan op welgeteld 3 meter van een garage. De mannen van de garage vinden het natuurlijk super om ons te helpen en als ik een fotootje van hen maak is het kot al helemaal te klein. Ze beginnen gedreven te wijzen op de camera en te gebaren dat ik de foto eruit moet halen. Misverstanden alom, ze begrijpen maar niet dat ik de foto er niet uit kan halen, ik begrijp maar niet dat ze eigenlijk de foto willen en wis al de foto's met hen omdat ik vermoed dat ze bang zijn dat ik hun 'geest' gevangen heb (ben blijkbaar helemaal gebrainwashed door Joker). Band vervangen en weer op weg. Voor de middag staan we aan de Dakrong brug, symbool van de Demilitarized Zone (DMZ), scheiding tussen Noord en Zuid Vietnam. We doen ons best om ons in te leven in het Ieper van de 60's maar de jungle en de Vietnamezen hebben veel sporen uitgewist. Iedereen wil blijkbaar vergeten. De brug is ook de keuze tussen Khe San en de westelijke Ho Chi Minh highway, of de DMZ en de oostelijke snelweg. We rijden alleszins naar Khe San om te lunchen en het War Memorial museum te bezoeken. In dit plaatsje werden immers een van de zwaarste slagen van de Vietnam oorlog uitgevochten (http://www.historycentral.com/vietnam/KheSan.html). Van de honderden bommen, kanonnen en ontbladeringen is er nauwelijks een spoor. Vanaf hier wordt de Ho Chi Minh highway even magistraal als onzinning prestigieus. Een natte droom voor motors, maar hier woont geen mens. 'Voor wie of wat ligt die weg hier, die bijna niet te onderhouden is in dit gebied van aardverschuivingen?' We hadden er beter over gezwegen want ineens staan we voor een aardverschuiving. De vangrail is meegesleurd door het enorme gewicht van de rotsen en de weg ligt bedolven onder aarde en stenen. Een half uur staan we samen met wat andere brommertjes te kijken hoe een buldozer de grootste stenen aan de kant duwt... daarna is het aan ons om ons verder een weg te banen over de massa neergevallen rotsen. Het is half vier als we eindelijk weer op pad kunnen. De daaropvolgende kilometers zijn, zo mogelijk, nog wilder, nog desolater, nog puurder. We rijden kilometers zonder een mens te zien, alleen, een met de natuur...en met nog meer dan 100 km voor de boeg. Tegen half zes komen we eindelijk nog eens aan een huis - in aanbouw. Met nog 60 kilometer dwars door een nationaal park te gaan, geen licht op onze motor en een bijna lege tank besluiten we de bouwvakkers te vragen of we bij hen mogen blijven slapen! Een bed wordt afgestaan, dekens worden verzameld en even later zitten we met de hele bende te smullen van vis met rijst en groentjes. Er wordt driftig gebruik gemaakt van onze phrase book om toch op een of andere manier te communiceren maar de vragen die ze aanduiden in ons boekje zijn net iets te hoog gegrepen. "What is your opinion about deforestation?' Jan denkt even na en antwoordt dan verstandig: 'Vietnam many trees, Belgium not many, Vietnam nice'. Tot zover het debat over ontbossing. Bij de vraag: 'what kind of music do you like?', antwoordt Jan: 'rock and roll' (???). Zelfs de Vietnamezen vinden dat maar vreemd voor een jongen van de 21ste eeuw. 'We like disco' antwoorden ze, en meteen Jan ook (???). Op reis leer je je partner kennen. De rest van de avond brengen we rond het kampvuur door, dwaas lachend met onze typische homestay-smile.




