Leh en de Stairway to Heaven
De volgende dag zijn we zowaar fris en monter, ook al hebben we stevig gedroomd om de beeldenstroom van de voorbije dagen te verwerken. Leh is een groene lap in een bruingele woestijn, een echte oase op de pambomen na. Als stadje zelf is het klein en immens druk van de toeristen, maar das de oppervlakte, want het is bovenal een kruispunt van godsdiensten zoals ik me er buiten Israel geen 2e kan voorstellen. Sommige mensen hebben erg duidelijke middenoosterse trekken, en zijn traditioneel islamitisch gekleed. Anderen, in een mongoolse del, keuvelen met een Sikh handelaar. De Moskee staat naast een tibetaans boedhistische tempel. Onder het gewapper van de gebedsvlaggetjes hoor je de imam oproepen tot het gebed. Hier in Leh gaat het er vreedzaam aan toe, maar het verklaart veel van de gevoeligheden die bij ons bekend staan als het Kashmir probleem. Ladakh, dat algemeen als veilig wordt beschouwd- ligt politiek in de staat Kashmir, we zijn op pakweg 200km van de betwiste grenzen (daar waar je atlas arceringen heeft....). Het leger is dan ook nadrukkelijk aanwezig, meer dan in Nepal. Vroeger besloeg Kashmir, samen een aantal stuken van Pakistan en Tadjikistan de staat Baltistan (krijgen jullie ook zoveel reislust bij het horen van die namen alleen al?) Na het instorten van het Brits imperium zijn grenzen getrokken zonder veel rekening te houden met de culturen van de bewoners. Voeg daar nog wat strategisch belangrijke posities en je hebt een conflict dat niet op te lossen valt. De parallel met het Israelisch-palestijns probleem is opvallend.
Als we die avond uitgaan om iets te drinken met 2 Israeli koppeltjes, lopen we de BMW-rijders tegen het lijf. En inderdaad: de Duitser was in Cambodia in het hotel waar we vermoedden. Als we nog even verder praten valt onze frank dat we elkaar ook al gesproken hadden in Bangkok! Dit is dus de derde keer dat we Lars ontmoeten op onze trip! Hij is een advokaat die anderhalf jaar geleden de toga ingeruild heeft voor een helm. Via Siberië, Mongolië, Korea Zuidoost Azie en Nepal is hij hier geraakt. Langs Iran wil hij oversteken naar Afrika om pas tegen 2008, na een enkeltje Argentinië-Alaska, terug in Duitsland te zijn. De andere is Buzz, een Schot die met zn motor van zijn voordeur naar Nepal gereden is om er een paar maand vrijwilligerswerk te doen. Met de tijd die hem nog rest wil hij Noord India bereizen. U ziet waarde lezer, sommige van onze mede-aardbewoners houden er een inspirerende levenswandel op na. Het zijn ontmoetingen met mensen als hen die je al eens tot nadenken aanzetten of ons jachtige hardwerkende levenshouding perse de rechte lijn is naar Het Geluk. We voegen er nadrukkelijk aan toe dat zo'n langweg-overlander of een boedhistische monnik niet noodzakelijk gelukkiger is dan U, maar het zet wel aan tot nadenken over wat een mens gelukkig maakt. En vooral: zijn wij met ons drukke bestaan nog wel bewust bezig met hetgeen ons gelukkig maakt? Antwoorden op een gele briefkaart naar postbus 28, 1000 Brussel.
We zien ook John terug, en smeden plannen om het niet te laten bij second best: we regelen een vergunning om naar de Nubra vallei te rijden via de allerhoogste weg van de wereld: de Khardung-La pas ligt op 5682m. Om een idee te geven: leg de Baraque Fraiture bovenop de Mont Blanc en doe er nog 2 voetbalvelden bij, daar knetteren we ergens... met een motor van 50 jaar oud). De weg valt erg goed mee, de eerste 24km is zelfs mooie asfalt. Maar de koppeling krijgt het moeilijk en laat het afweten: ik kan de motor niet meer aan het rijden brengen met 2 erop. Brenda stapt af. Blijkt dat de top om de hoek is. Brenda is op 50meter van de top afgestapt! Wie dit vaatje dinamiet kent weet hoe dat ongeveer klinkt. Fotootjes en 'Cool we zijn er' maar het is mistig, dus valt er eigenlijk niets te zien. Het is ook te koud en te ijl in het hoofd om hier langer te blijven. Hoogtepunten zijn soms tegelijk erg banaal. Biezonder mooi is het hier niet: 4 legerbarakken en wat zwerfvuil.
De afdaling daarentegen is prachtig. Langs een woestijnlandschap met diep ingesneden ravijnen walsen we naar de Nubra vallei waar kleine oases liggen tussen de zandduinen. Dwarrelend langs een rivierbeddieng zoeken we naar een bed en vinden onze BMW makkers weer. We gaan nog wandelen en met de motortjes spelen in de zandduinen, hopend op mooie foto's maar het is zwaarbewolkt. We hebben een gezellige avond, maar die vallei is –tenminste met dit weer- niet zo spectaculair als verhoopt.
Als we die avond uitgaan om iets te drinken met 2 Israeli koppeltjes, lopen we de BMW-rijders tegen het lijf. En inderdaad: de Duitser was in Cambodia in het hotel waar we vermoedden. Als we nog even verder praten valt onze frank dat we elkaar ook al gesproken hadden in Bangkok! Dit is dus de derde keer dat we Lars ontmoeten op onze trip! Hij is een advokaat die anderhalf jaar geleden de toga ingeruild heeft voor een helm. Via Siberië, Mongolië, Korea Zuidoost Azie en Nepal is hij hier geraakt. Langs Iran wil hij oversteken naar Afrika om pas tegen 2008, na een enkeltje Argentinië-Alaska, terug in Duitsland te zijn. De andere is Buzz, een Schot die met zn motor van zijn voordeur naar Nepal gereden is om er een paar maand vrijwilligerswerk te doen. Met de tijd die hem nog rest wil hij Noord India bereizen. U ziet waarde lezer, sommige van onze mede-aardbewoners houden er een inspirerende levenswandel op na. Het zijn ontmoetingen met mensen als hen die je al eens tot nadenken aanzetten of ons jachtige hardwerkende levenshouding perse de rechte lijn is naar Het Geluk. We voegen er nadrukkelijk aan toe dat zo'n langweg-overlander of een boedhistische monnik niet noodzakelijk gelukkiger is dan U, maar het zet wel aan tot nadenken over wat een mens gelukkig maakt. En vooral: zijn wij met ons drukke bestaan nog wel bewust bezig met hetgeen ons gelukkig maakt? Antwoorden op een gele briefkaart naar postbus 28, 1000 Brussel.
We zien ook John terug, en smeden plannen om het niet te laten bij second best: we regelen een vergunning om naar de Nubra vallei te rijden via de allerhoogste weg van de wereld: de Khardung-La pas ligt op 5682m. Om een idee te geven: leg de Baraque Fraiture bovenop de Mont Blanc en doe er nog 2 voetbalvelden bij, daar knetteren we ergens... met een motor van 50 jaar oud). De weg valt erg goed mee, de eerste 24km is zelfs mooie asfalt. Maar de koppeling krijgt het moeilijk en laat het afweten: ik kan de motor niet meer aan het rijden brengen met 2 erop. Brenda stapt af. Blijkt dat de top om de hoek is. Brenda is op 50meter van de top afgestapt! Wie dit vaatje dinamiet kent weet hoe dat ongeveer klinkt. Fotootjes en 'Cool we zijn er' maar het is mistig, dus valt er eigenlijk niets te zien. Het is ook te koud en te ijl in het hoofd om hier langer te blijven. Hoogtepunten zijn soms tegelijk erg banaal. Biezonder mooi is het hier niet: 4 legerbarakken en wat zwerfvuil.
De afdaling daarentegen is prachtig. Langs een woestijnlandschap met diep ingesneden ravijnen walsen we naar de Nubra vallei waar kleine oases liggen tussen de zandduinen. Dwarrelend langs een rivierbeddieng zoeken we naar een bed en vinden onze BMW makkers weer. We gaan nog wandelen en met de motortjes spelen in de zandduinen, hopend op mooie foto's maar het is zwaarbewolkt. We hebben een gezellige avond, maar die vallei is –tenminste met dit weer- niet zo spectaculair als verhoopt.

