Jan en Brenda in Wonderland - het Tuva avontuur

Op zaterdag 13 augustus begon ons grote Tuva avontuur, de queeste naar het 'land van het rendiervolk'. Samen met de twee Deense antropologen, Benedicte en Katia, en Benedictes tweejarige dochtertje, Jasmine, stapten we op de diesel nachttrein naar Erdenet. 12 uren, twee babyhuilbuien en drie pampers later kwamen we in de tweede grootste stad van Mongolie aan. We hadden bijna onmiddellijk een busje geregeld naar de volgende stad, een twaalftal uur verderop, maar dat werden er uiteindelijk 24. Vier uur wachten voor we eindelijk vertrokken, vastzitten in de modder, verdwalen op de donkere steppe en een in slaap vallende chauffeur die in het midden van de nacht de motor afzette en ons verplichtte om bij 0 graden, opgeplooid op een miniscuul busbankje, te slapen. Geradbraakt bereikten we onze volgende stad, Moron.
Klaar voor een nieuwe busrit van twaalf uur richting Tsaaganuur, een 'stadje' in de absolute noordelijke uithoek van Mongolie, gelegen aan een groot meer. Twee dagen hadden we nodig om te bekomen van de wilde busritjes en om de paarden te regelen. Onze dagen werden gevuld met het voorzien in onze basisbehoeften; er was geen elektriciteit, geen lopend water noch verwarming. Dus het duurde vaak een halve dag voor we het water dat we bij het meer gehaald hadden, verwarmd kregen op ons zelfgemaakte vuur en ons in een tube min of meer konden wassen. Dit is trouwens een van de enige plekken op aarde waar je geen coca cola kan krijgen!
Tegen vrijdag 19 augustus waren we eindelijk klaar om te vertrekken met onze karavaan van 2 gidsen, zes rijpaarden en twee pakpaarden. Twee dagen gallopeerden we over de uitgestrekte steppes (machtig!!!) en ploeterden we door drassige moerassen, ik op mijn hevig paardje Ginger, Jan op zijn oude bokkige bes die met geen stokken vooruit te krijgen was.
Zondagavond wordt ons volharding beloont. In de verte, door een grijs regengordijn, zien we de eerste tipi's. Naarmate we naderen, zien we ook de kudde wite en grijze rendieren die gezapig liggen te grazen. Het tafereel is adembenemend mooi, onvatbaar, surreeel en onwerkelijk! Bij aankomst barst er een enorm onweer los. We worden meteen opgevangen door het oppperhoofd met de gebruikelijke afgedankte Chinese thee, met zout en rendiermelk. Die nacht, in ons tentje, kunnen onze dromen de werkelijkheid niet overtreffen! Alsof de ervaring nog niet uniek genoeg is krijgen we de volgende dag te horen dat de Ducha (benaming voor Mongoolse Tuva) hun kamp opbreken en verder trekken . We helpen hen met het opbreken van de tipi's en in minder dan twee uren ligt hun hele hebben en houden geladen op de rendieren. Wij vertrekken als laatste achter de karavaan aan. Tegen de tijd dat we de nieuwe nederzetting bereiken is het nieuwe 'dorp' al bijna volledig opgebouwd. De twee volgende dagen doen we niks anders dan van de ene tipi naar de andere lopen. De Ducha vinden het immers heel onbeleefd als je hen niet bezoekt, dus we brengen onze dagen door, rendiermelkthee drinkend, clouseauliedjes zingend en hopeloos bladerend in onze phrasebook. Op een bepaald moment zaten we met zijn 14 in een tipi drie flessen vodka achterover te slaan, drinkend op het nieuwe homeland. Toen ik na een tijdje een beetje aangeschoten uit de tipi sukkelde, werd ik verrast door een prachtige regenboog... . Onvatbaar! We verlaten na drie dagen de Ducha met pijn in het hart, we hebben zoveel geleerd, zoveel gezien,zoveel ervaren. De terugweg verloopt een pak vlotter. Op minder dan twee dagen staan we terug in Tsaaganuur, waar we ons meteen in het meer storten voor een flinke wasbeurt.
Labels: Mongoliƫ


0 Comments:
Een reactie posten
<< Home